10 x Marseille in boeken

Marseille is een stad van avonturiers, vluchtelingen, superdivers en rebels. Gefundenes Fressen voor een goed boek dus. Maak kennis met de Cité Phocéenne in 10 boeken, in chronologische volgorde, sommige zelfs in het Nederlands. 

1/ “De graaf van Monte-Cristo” van Alexandre Dumas (1844, originele titel: Le comte de Monte-Cristo). Het wereldberoemde verhaal van de Marseillais Edmond Dantès die onschuldig wordt opgesloten in het Chateau d’If voor de kust van Marseille en zint op wraak. In zowat alle talen vertaald en ontelbare keren verfilmd. Als Chinezen Frankrijk bezoeken willen ze naast de Eifeltoren ook het Chateau d’If zien.

2/ “De geheimen van Marseille” van Emile Zola (1867, originele titel: “Les mystères de Marseille). Oorspronkelijk als een feuilleton in de krant verschenen. Over de onmogelijke liefde van een gewone jongen voor de dochter van een rijke politicus in Marseille. Vingeroefening voor zijn latere sociale bewogenheid.

3/ « Haschich à Marseille” van Walter Benjamin (1928). Ja, toen al. De Duits-Joodse marxist Walter Benjamin dwaalt door de straten van Marseille, stoned en nieuwsgierig, langs de Vieux Port, Cours Belsunce en Canebière.

4/ “Banjo, a history without a plot” van Claude McKay (1929). Spijtig genoeg niet vertaald maar wel een must reed (in het Engels en het Frans). Een verhaal over Afro-Amerikaanse zeelui die niet meer terug aan boord van hun schip willen omdat ze in Marseille kunnen gaan en staan waar ze willen en met een blanke vrouw aan de arm over straat kunnen flaneren zonder gelyncht te worden. En natuurlijk ook over jazz.

5/ “Transit” van Anna Seghers (1944). Tijdens het begin van de Tweede Wereldoorlog was de Vieux Port in Marseille de toevluchthaven voor iedereen die op de vlucht was voor de nazi’s: Joden, linkse kunstenaars en schrijvers, communisten. Ze hoopten er een visum en een bootticket te bemachtigen. Zo ook de Duitse Anna Seghers, die er een pakkende roman over schreef.

6/ “De gloriedagen van mijn vader” van Marcel Pagnol (1959, originele titel: La gloire de mon père). Ode van de jonge Marcel Pagnol aan zijn vader, een onderwijzer uit Marseille, met wie hij de zomervakanties in de Provence doorbrengt. Heimat literatuur met niveau.

7/ “Misdaad in Marseille” van Jean-Claude Izzo. Bundeling van 3 romans: Total Kheops – 1995, Chourmo – 1996 en Soleo 1998), waarin Jean-Claude Izzo zijn liefde-haat relatie met zijn geboortestad accuraat en met liefde beschrijft. Politie inspecteur Fabio Montale dwaalt door de straten van Marseille tussen misdadigers, hoertjes, onzichtbare peetvaders, corrupte flikken en politici. Maar ook met goed eten en goede muziek.

8/ “Marseille, le roman vrai” van Marie-France Etchegoin (2016). De titel zegt alles: het is « echt » wat er in deze roman wordt verteld. Van de kleine criminelen in het Noorden tot de Corsicanen in het zuiden en de corrupte politici in het midden. “Iedere gelijkenis met bestaande personages is geen toeval,” schrijft Marie-France Etchegoin er zelf over.

9/ “Marseille Confidential” van François Thomazeau (2018). De pionier van de neo-polar, zoals de wat duistere krimi’s uit Marseille worden genoemd. De verwijzing naar de klassieker van James Ellroy spreekt voor zich. Om te weten wat er leeft en geleefd heeft in Marseille moet je bij François Thomazeau zijn.

10/ “Marcel” van Dirk Chauvaux (2019). Een Belgische expat ontmoet in de volkswijk Le Panier een 105-jarige landgenoot die hem wegwijs maakt in 100 jaar Belgen in Marseille. Van de Quai des Belges, over Francis Le Belge tot Raymond Goethals en zovele anderen. Een liefdesverklaring aan zijn nieuwe thuisstad.